Steef4All logo

Archief

Praktijkvoorbeeld van mentale stimulatie als ‘medicijn’ bij ernstig traumatisch hersenletsel

22-09-2020
Klik voor meer foto's

Gelukkig zijn er méér mensen in Nederland die vechten voor een betere behandeling/nazorg bij NAH. Hierbij het artikel van Dr Nagesser die een "opening" hoopt te krijgen bij de verzekeringsmaatschappijen / zorgkantoren.

Situatie

Als je opeens van de ene dag op de andere dag in een andere wereld terecht komt, is dat heftig. Dit overkwam een familielid vorig jaar. Een man van 58 jaar, vol in het leven en met veel plannen, werd getroffen door een hartstilstand. Iedereen was overvallen door machteloosheid en ongeloof, we stonden erbij en waren sprakeloos. Niet aangeboren hersenletsel (NAH) heeft ieders wereld veranderd. Na reanimatie was er een lange periode van onzekerheid. Immers, 10 weken niet bij bewustzijn en dus niet aanspreekbaar duidt op een zeer somber beloop volgens de medisch specialisten. Het geloof op herstel was uiterst gering. Na verplaatsing van het ziekenhuis naar het verpleeghuis zou er met revalidatie gestart worden. Dit was lastig i.v.m. andere lichamelijke problemen. Maar vooral de leerbaarheid en mentale belastbaarheid waren te laag om echt te kunnen revalideren in een revalidatiekliniek volgens de consulterend medisch specialist.

Dit moment was het vertrekpunt voor de naasten en de familie om de hoofden bij elkaar te steken en te bedenken waar en hoe van betekenis te zijn voor het familielid. De centrale vraag was: hoe kunnen we als familie zijn leerbaarheid en mentale belastbaarheid verhogen in het verpleeghuis om de kans op herstel te verhogen?

Innovatieve Aanpak

Door bundeling van onze medische kennis en verkennen van mogelijkheden hebben we een persoonsgericht integraal zorgplan voor mentale stimulatie ontwikkeld. Hierin staan oefeningen en opdrachten in die opbouwend van aard zijn en verschillende hersengebieden stimuleren. Door op deze wijze de hersens regelmatig te prikkelen kunnen nieuwe verbindingen aangelegd worden waardoor beschadigde hersenfuncties weer verbeterd kunnen worden. Of dit ‘medicijn’ zou gaan werken wisten we niet, maar het was zeker de moeite waard om het te proberen. De hele familie was opgetrommeld en iedereen was meteen bereid mee te doen bij het horen van dit plan en deze aanpak. “Nobel initiatief. Zo kunnen we écht iets betekenen voor hem”.

Het plan werd snel geïmplementeerd met een bezoekschema voor 2 maanden waarin familieleden tijdens hun bezoek van 1,5-2 uur gerichte oefeningen deden met het familielid voor zover dit ging. Hij vond het geweldig dat zoveel mensen op bezoek kwamen en deed voor zover mogelijk goed mee met de oefeningen. Aangezien het plan persoonsgericht was, had hij er merkbaar plezier in. De familieparticipanten vonden het fijn om samen iets met hem te kunnen doen ondanks zijn beperkingen.

Effect

Wat is het effect van deze innovatieve aanpak van mentale stimulatie bij ernstig traumatisch NAH?

De resultaten zijn veelbelovend en bijzonder. Deze verschaffen ook waardevolle inzichten hoe meer waarde toe te voegen aan iemands leven en meer persoonlijke opbrengst te halen in dergelijke situaties. Het familielid kan inmiddels een goed gesprek op niveau voeren en is goed bij. Er kan nu met hem gesproken worden in plaats van over hem, hij kan zelf zijn zorgbehoefte communiceren en aangeven wanneer zijn grenzen zijn bereikt. Zijn mobiliteit, algemeen dagelijks functioneren, mentale en fysieke belastbaarheid zijn ook toegenomen…. tot verbazing en verwondering van de zorgprofessionals. Die hadden dit niet voor mogelijk gehouden.

Het effect van mentale stimulatie als ‘medicijn’ brengt veel meer teweeg bij de betroffen persoon en is een waardevolle aanvulling op de reguliere verpleging en verzorging met eventuele revalidatie in verpleeghuizen.

Inzichten

In de onderstaande tabel staan de belangrijkste inzichten en verschillen vermeld die naar voren zijn gekomen tijdens dit proces.

Verschillen Zorgprofessionals Familie/naasten
Vertrekpunten kijken veel meer naar de situatie waarin iemand nu verkeert kijken veel meer naar de persoon, hoe hij was, wat hij kon en wat er allemaal teruggehaald kan worden
Werelden de systeemwereld met werken en kijken op een bepaalde manier (film A) de leefwereld met herkennen en eerder zien van subtiele veranderingen en andere vooruitgangen (film B)
Scenario's zien de eindscenario’s al voor zich: kasplantje/kasplantje plus bezig met de vraag: wat kunnen we uit de persoon halen en dan pas waar komen we dan uiteindelijk een keer uit, welke beperkingen gaan zijn leven bepalen?
Fases doen wat we altijd doen, willen vooral niet te ver gaan buiten de regels en protocollen: geven zelf aan dat ze bepaalde dingen niet aan durven doen zien de vooruitgangen en willen deze voortzetten door de persoon uit te dagen tot een bepaalde hoogte (wat kan hij nog meer?)
Belangen Belangen van de organisatie zijn sterker dan van de cliënt. Behoudende, opstelling door budgettaire kaders en attitude (defensief). Belangen van de cliënt staan centraal. Weinig aandacht voor belangen van organisatie, veel zicht op mogelijkheden voor leren en verbeteren

 

Hoe nu verder?

Ondanks dat de weg van herstel en revalidatie nog lang is, zijn de doorgemaakte ontwikkelingen tot nog toe vermeldenswaardig. Deze praktijkcasus met het nieuwe concept van mentale stimulatie bij mensen van 35-70 jaar verdient navolging omdat dit duidelijk bijdraagt aan meer gezondheid en herstel van lichaamsfuncties. Het is een praktische interventie vanuit de leefwereld die de brug slaat naar de systeemwereld. De kans op zelfstandig thuis wonen met aanpassingen en terugkeer in de maatschappij neemt hierdoor toe. Dit is belangrijk voor deze leeftijdsgroep. Echter, voor deze mensen met NAH is er in de praktijk weinig kans op herstel mogelijk om verschillende redenen:

  • zijn te oud voor vroeg intensieve neurorevalidatie (tot 25-35 jaar wel mogelijk en vergoed)

  • zijn te jong voor verpleeghuis en komen in de chronische zorg terecht die niet op herstel bij NAH is ingericht (patiënten gemiddeld 80 jaar). Op dit moment kan nog geen 15 procent meternstig hersenletsel ergens terecht.

  • te weinig specifieke kennis over NAH (diverser en weinig zorginstellingen met NAH-expertise m.u.v. Eennacoma-leden en Daan Theeuwes centrum)

  • patiënten komen op verschillende manieren op verschillende plekken binnen. Dit is heel anders bij patiënten met CVA (cerebrovasculaire aandoeningen) waar de keten op orde is.

  • de budgetten voor specifieke revalidatie bij NAH zijn zeer beperkt en gaan op in meer algemene revalidatie en chronische zorg

  • beperkte capaciteit door schotten tussen verpleeghuis en revalidatiecentra en zal toenemen

  • initiatieven of interventies uit de leefwereld zijn onbekend en worden daardoor niet gekend

  • niets doen zal met zekerheid niets opleveren; alleen door het te gaan doen, kan er iets gebeuren zonder vooraf te weten waar dit toe gaat leiden

 

De uitdaging ligt in het overstijgen van de verschillen en vooral het integreren van beide films, uit desysteemwereld (A) en de leefwereld (B). Immers, beide films kijken naar dezelfde situatie, maar zienverschillende dingen. Een extern consult kan gezien worden als een fotomoment van de situatie. Deze innovatieve aanpak verbindt beide werelden op een aanvullende manier en is daarom een waardevol instrument voor de betrokken stakeholders. Deze casus kan ook aanleiding zijn voor een extra tussenstap voor eerste revalidatie bij mensen met NAH, die niet snel genoeg (kunnen)revalideren in een verpleeghuis, of als voorloper voor revalidatie in revalidatiekliniek.

Mocht u mensen kennen die ook met dergelijke situaties te maken hebben, dan is het fijn dat u dit verhaal deelt omdat er veel meer mogelijk is/kan zijn dan nu het geval is. Graag kom ik in contact met families/naasten met mensen met NAH en partners die willen bijdragen aan meer gezondheidtegen minder zorgkosten bij NAH.

Voor vragen of suggesties kunt u mij contacteren via mail asha.nagesser@hoopwerkt.net of telefoon 06-12843852

Auteur: Dr. Asha Nagesser, Hoopwerkt, 19 juni 2019